Het oude lied "de dorre vlakte der woestijnen" vers 4 gaat over verdwaalden die bij duizenden zoeken naar een welbereide baan.
Uitgebeeld door het groene doek en de steentjes.
In het lied gaat het over "groene meien" dat zijn groene versieringen.
Zo zijn ze onderweg en mogen de kroon ontvangen.

Er branden drie kaarsen.
Naar aanleiding van het oude lied "de dorre vlakte der woestijnen" zien we nu een uitbreiding van het stuk met een staf die de kreupele niet meer nodig heeft omdat hij van vreugde voor zijn Heer kan springen.
En bloemen die we mogen zien, terwijl we blindgeboren zijn.
Er is stromend levend water uit een zilveren beek.

Er branden twee kaarsen. In Jesaja 35:3 en 4 staat (samengevat) "Wees sterk, houd moed, geef niet op. God komt jullie bevrijden." Naar aanleiding daarvan is het stuk uitgebreid met touw en een hart met bemoedigend spreuk: "Een hart onder de riem."

Vandaag, de eerste advent zondag, de eerste kaars wordt aangestoken.

Na aanleiding van Jesaja 35 en het oude lied "de dorre vlakte der woestijnen"

De kleuren en de basis van het stuk zijn sober, we werken toe naar kerst.

Paars, de kleur van ootmoed en verwachting.
Jute, geeft het aardse bestaan weer.

Klimop, Gods trouw die blijft, ook in de dorre vlakte van de woestijn dit leven.
Weergegeven door het zand en het dorre hout.